Wat is reflexintegratie en voor wie is het bedoeld?

Reflexintegratie is een benadering die ervan uitgaat dat sommige vroege babyreflexen bij oudere kinderen nog actief kunnen zijn en zo invloed hebben op beweging, concentratie of prikkelverwerking. Met speelse bewegingsoefeningen probeert men die reflexen alsnog te ‘integreren’. Veel ouders en therapeuten ervaren het als zinvol, maar stevig wetenschappelijk bewijs voor de werkzaamheid ontbreekt nog. Twijfel je over de ontwikkeling van je kind, bespreek dat dan altijd eerst met het consultatiebureau of je huisarts.
Een pasgeboren baby beweegt voor een groot deel op basis van reflexen. Als je een vinger in het handje legt, knijpt ze erin. Schrikt ze van een geluid, dan gaan de armpjes wijd en komen ze weer terug. Deze zogeheten primitieve reflexen zijn volkomen normaal en helpen een baby de eerste maanden door. Naarmate het zenuwstelsel rijpt, nemen bewuste bewegingen het stap voor stap over. Reflexintegratie is een benadering die zich richt op kinderen bij wie sommige van deze vroege reflexen mogelijk langer actief blijven dan gebruikelijk.
Wat zijn primitieve reflexen?
Primitieve reflexen zijn automatische bewegingspatronen die al in de baarmoeder ontstaan. Bekende voorbeelden zijn de grijpreflex, de zuigreflex, de moro- of schrikreflex en de asymmetrische tonische nekreflex, waarbij een baby die het hoofd opzij draait de arm aan die kant strekt. Artsen en jeugdverpleegkundigen kijken in het eerste jaar naar deze reflexen omdat ze iets zeggen over de rijping van het zenuwstelsel. Dat deel is reguliere, goed onderbouwde kennis. Het is de vervolgstap, het gericht ‘wegtrainen’ van restreflexen bij oudere kinderen, waarover de meningen uiteenlopen.
Hoe werkt reflexintegratie in de praktijk?
Een reflexintegratietherapeut kijkt meestal eerst met eenvoudige bewegingstesten of er nog reflexpatronen zichtbaar zijn. Daarna krijgt het kind, vaak samen met een ouder, een reeks rustige oefeningen mee voor thuis: rollen, kruipen, ritmisch wiegen of specifieke houdingen die de oorspronkelijke reflexbeweging nabootsen. Die oefeningen worden meestal enkele weken tot maanden dagelijks gedaan. Ouders melden regelmatig dat hun kind rustiger wordt, beter zit of minder snel overprikkeld raakt. Dat zijn waardevolle ervaringen, maar ze zeggen nog niet hoe groot de rol van de oefeningen zelf is.
- Kinderen die moeite hebben met stilzitten of evenwicht
- Kinderen die snel overprikkeld raken
- Ouders die naast reguliere zorg iets lichamelijks willen proberen
Ik zeg altijd tegen ouders: dit is een aanvulling, geen vervanging. Als er zorgen zijn, wil ik dat er ook regulier naar gekeken wordt.
Lees de verdieping als lid
Het vervolg van dit artikel, met de afwegingen, praktische stappen en wat experts erover zeggen, is beschikbaar voor leden. Vanaf € 59,95 per jaar lees je alle verdiepende artikelen.
Het bestaan van primitieve reflexen is goed onderbouwd. Dat gerichte oefeningen restreflexen ‘integreren’ en daarmee leer- of gedragsproblemen verminderen, is niet aangetoond in goed opgezet onderzoek. Ervaringen van ouders zijn waardevol, maar kunnen ook verklaard worden door aandacht, tijd en natuurlijke ontwikkeling.
Bronnen
- JGZ-richtlijn Motorische ontwikkeling, NCJ: Reguliere kennis over normale motorische ontwikkeling en primitieve reflexen.
- Overzichtsartikelen over aanhoudende primitieve reflexen bij schoolkinderen: Vooral kleine, observationele studies.
- Praktijkervaring van de auteur: Ervaringskennis, geen onderzoek.
De informatie op MamaCircle is bedoeld om je te helpen een geïnformeerde keuze te maken en vervangt geen persoonlijk advies van je verloskundige, huisarts of jeugdarts. Lees onze disclaimer.
Lees ook

Wat is veilige hechting en hoe groeit die?
Hechting klinkt soms als een examen dat je moet halen. In werkelijkheid groeit het in gewone, dagelijkse momenten, ook als niet alles perfect gaat.

Hoe ondersteun je de taalontwikkeling van je peuter?
Praten, voorlezen en vooral: beurten nemen. Zo help je je peuter op een ontspannen manier op weg met taal.
LedenEmoties van je kleuter: helpen benoemen en loslaten
Boosheid, verdriet, frustratie: kleuters voelen alles groot. Hoe help je ze om emoties te herkennen en weer te laten zakken?
