Onderzoek & richtlijnen

Hoe ondersteun je de taalontwikkeling van je peuter?

Sfeerfoto bij het artikel ‘Hoe ondersteun je de taalontwikkeling van je peuter?’
Het korte antwoord

Peuters leren taal vooral in echte, wederkerige gesprekjes: jij reageert op wat zij aanwijzen of zeggen, en zij krijgen weer een beurt. Voorlezen, zingen en benoemen wat je samen doet helpen daarbij. Je hoeft geen lesjes te geven; ontspannen aandacht werkt het best. Maak je je zorgen over de taalontwikkeling, dan kun je dat altijd bespreken met het consultatiebureau.

Tussen ongeveer één en vier jaar maakt de taal van een kind een enorme sprong. Van losse woordjes als ‘mama’ en ‘auto’ groeit het naar korte zinnetjes en uiteindelijk naar hele verhalen over wat er op de opvang gebeurde. Elk kind doet dat in een eigen tempo, en verschillen van maanden zijn heel gewoon. Als ouder hoef je geen taaldocent te zijn. Wat wel helpt, is weten welke dagelijkse momenten zich bij uitstek lenen om taal te laten groeien, zodat je die kansen wat vaker benut.

Gesprekjes met beurten

Onderzoek laat steeds weer zien dat niet zozeer de hoeveelheid woorden die een kind hoort het verschil maakt, maar het aantal heen-en-weer-momenten. Je peuter wijst naar een hond, jij zegt: ‘Ja, een grote hond! Hij kwispelt.’ Je peuter zegt ‘waf’, en jij reageert weer. Zulke kleine beurtwisselingen activeren de taalgebieden in het brein sterker dan passief luisteren. Het mooie is dat ze overal kunnen: in bad, aan tafel of in de supermarkt. Volg daarbij zoveel mogelijk wat je kind boeit, in plaats van zelf een onderwerp te kiezen.

  • Wacht even na je vraag: peuters hebben tijd nodig om te antwoorden
  • Herhaal een fout zinnetje op de goede manier, zonder te verbeteren
  • Breid uit: ‘auto’ wordt ‘ja, een rode auto’
  • Benoem wat je doet tijdens het aankleden of koken

Voorlezen, zingen en spelen

Voorlezen is een van de best onderzochte manieren om woordenschat te vergroten. Prentenboeken bevatten vaak woorden die in dagelijkse gesprekken minder voorkomen. Interactief voorlezen, waarbij je vragen stelt en je kind laat aanwijzen, lijkt nog meer op te leveren dan het verhaal alleen voorlezen. Liedjes en rijmpjes helpen bij het horen van klanken en ritme. En in fantasiespel oefenen peuters met taal voor gevoelens en plannen: ‘Jij bent de dokter, ik ben ziek.’

Wanneer vraag je om advies?

Twijfel je, bijvoorbeeld omdat je kind rond twee jaar nog nauwelijks woordjes gebruikt, weinig lijkt te begrijpen of je zelf het gevoel hebt dat er iets niet klopt, bespreek dat dan met het consultatiebureau. Zij kunnen meekijken, het gehoor laten controleren en zo nodig doorverwijzen naar een logopedist. Vroeg kijken is geen alarmsignaal maar gewoon zorgvuldigheid. Meertalig opvoeden is overigens geen oorzaak van taalachterstand; kinderen kunnen prima meerdere talen tegelijk leren.

Bronnen

  1. JGZ-richtlijn Taalontwikkeling, NCJ
  2. Onderzoek naar ‘conversational turns’ en taalontwikkeling: Meerdere observationele studies bij jonge kinderen.
  3. Stichting Lezen – informatie over voorlezen aan jonge kinderen

De informatie op MamaCircle is bedoeld om je te helpen een geïnformeerde keuze te maken en vervangt geen persoonlijk advies van je verloskundige, huisarts of jeugdarts. Lees onze disclaimer.